. .













2 Korinthe 5 : 11
Wij dan, wetende den schrik des Heeren, bewegen de mensen tot het geloof

Lukas 6 : 37
En oordeelt niet, en gij zult niet geoordeeld worden; verdoemt niet, en gij zult niet verdoemd worden; laat los, en gij zult losgelaten worden.


























Openbaring 3 : 5
Die overwint, die zal bekleed worden met witte klederen; en Ik zal zijn naam geenszins uitdoen uit het boek des levens, en Ik zal zijn naam belijden voor Mijn Vader en voor Zijn engelen.


Pag.8 - < | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8
| 9 | 10 | 11 |> Volgende


Je wilt vooraf zeker weten dat de verdiensten van Jezus ook voor jou zijn?
Je wilt niet met een ingebeelde hemel naar de hel?
Ik begrijp het.
Ook ik heb in mijn jeugd die woorden van de kansel horen klinken. Dan ging het over andere (minder zware) kerken en evangelische gemeenten of groeperingen. Die werden dan gemakshalve onder één noemer gebracht: ‘Het juichend christendom’ heette dat. En dan volgden die verschrikkelijke woorden.
Ik hoop van ganser harte dat ze nu niet meer van de kansels klinken.
Ze staan in zo’n schril contrast met de woorden van Paulus: Wij dan, wetende den schrik des Heeren, bewegen de mensen tot het geloof!
Paulus, die wist dat er buiten Jezus geen leven is, wil mensen naar de voet van het kruis dringen.
Dat is de boodschap van het Woord van God.
Maar voorgangers, die met bovenstaande verschrikkelijke woorden oordelen over mensen, kerken en groeperingen, jagen de aan hun zorg toevertrouwde schapen angst aan!
Angst waardoor ze bij het kruis van Jezus vandaan blijven!

Ik zie in gedachten de oudste zoon uit de gelijkenis staan.
Wrokkig en verbitterd.
Hij staat daar, vlak bij jou, rechts van het kruis.
Hij is niet zoals onze oudste broer Jezus, die zijn leven gaf om zijn verloren broers en zusters terug te brengen in het Vaderhuis.
Nee, hij, de oudste zoon, staat daar als versteend!
En al die jaren dat hij in het huis van zijn Vader was, in de kerk, bij het kruis stond, gedroeg hij zich als slaaf!
Niet als een zoon die het beeld van Zijn Vader wilde uitdragen, het beeld van ‘De Liefde’!

Mag ik het zo zeggen: De oudste zoon, is eigenlijk de verloren zoon!

Terug naar jouw vraag.
Geloven is overgeven aan Jezus met niks in handen.
Het is het begin van de wedergeboorte.
Als er een kind geboren wordt, dan beseft het niets, weet het niets, ziet het niets en het heeft niets, zelfs geen kleren.
Zonder het te weten heeft het alleen liefhebbende ouders, die het direct na de geboorte wassen en kleden.
Zo is het ook met geloven.
Geloven is worden als een kind.
Kinderlijk vertrouwen dat al de woorden en beloften van Jezus aan jou persoonlijk zijn geadresseerd.
Ze in verwondering en in kinderlijk geloof omhelzen.
Dat is het begin.
Eerder noemde ik al de woorden: O alle gij dorstigen! komt tot de wateren, en gij, die geen geld hebt, komt, koopt en eet! Komt, koopt, terwijl je geen cent op zak hebt.
Komt, met niets anders dan een kinderlijk: Ik Geloof.
En als je dan komt en knielt, met niks in jezelf of van jezelf, dan krijg je, net als de jongste zoon, direct het beste kleed aan en schoenen aan je voeten en een ring aan je vinger.
Je wordt direct weer aangenomen als kind van je Vader!

Je weet niet of je uitverkoren bent?
Er is een uitverkiezing.
Wat een troost dat God duidelijk maakt dat er achter al Zijn Werk een plan zit.
Sommigen worstelen hiermee omdat ze, met de uitverkiezing in handen, de conclusie trekken: dan is er ook een verwerping! Vervolgens stellen ze dat de uitverkiezing en de verwerping van eeuwigheid zijn. En in hun ‘verstandelijke’ redenering gaan ze dan door met een soort kille en wiskundige logica.
Dan wordt ‘van eeuwigheid’ vertaald in ‘verleden tijd’.
Maar de eeuwigheid is niet te beredeneren.
In de ‘eeuwigheid’ is geen heden, noch verleden, noch toekomst zoals wij dat in de ‘tijd’ kennen.
Er is geen begin en geen eind.
Hier staat ons verstand stil. God is eeuwig, overal tegenwoordig en alwetend.
God kent ons volmaakt. Hij weet dus ook wat wij nog zullen gaan doen in de ‘tijd’, die ons op aarde nog rest. Hij weet al lang wat Hij van Zijn maaksel, van de mens, van jou en van mij, (nog) kan verwachten.
Maar voor ons is die toekomst verborgen en wij zijn en blijven, geheel en al, verantwoordelijk voor wat wij NU en HIER of IN DE TOEKOMST hier beneden (nog zullen) doen!
Het is en blijft jouw keus en jouw verantwoordelijkheid: Blijf ik hier staan, of kniel ik in aanbidding neer voor zulk een liefdevolle God en Vader!


Pag.8 - < | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8
| 9 | 10 | 11 |> Volgende

www.bekering.nl